Help, een hartinfarct

Wanneer je een hartinfarct oftewel hartaanval hebt, krijgt een deel van je hartspier geen zuurstof. Dit komt doordat de bloedtoevoer naar de kransslagader geheel of gedeeltelijk wordt afgesloten.

Door het gebrek aan zuurstof trekt een gedeelte van de hartspier bij een hartinfarct niet meer samen. Het gedeelte dat niet meer samentrekt, sterft langzaam af, op die plek ontstaat een litteken. Een hartinfarct geeft vaak een gevoel van drukkende pijn op de borst die wordt ervaren alsof er een olifant op zit, maar de klachten kunnen variëren per persoon.

Hartinfarct Deurne Fysio Jansen

Hoe komt het?

De vernauwing in de aders waardoor het hart te weinig zuurstof krijgt wordt meestal veroorzaakt door zogenaamde aderverkalking (athesclerose). Er blijft ophopend vet achter in de vaatwand waardoor die steeds dikker wordt. Los van dat de wand z’n elasticiteit verliest, wordt de doorgang voor zuurstofrijk bloed steeds kleiner tot die uiteindelijk volledig geblokkeerd raakt.

Of je wel of niet een hartinfarct krijgt is niet 100% te voorspellen, wel is duidelijk dat er een aantal factoren zijn die het risico erop flink verhogen:

  • Hoge bloeddruk (hypertensie): Doordat de druk in de aders continu hoger is dan bedoeld, beschadigen de wanden. Op deze plekken hopen zich stofjes zoals cholesterol op. Tel hierbij op dat het hart door de verhoogde bloeddruk sowieso harder moet werken om het zuurstofrijke bloed rond te pompen en je begrijpt het risico.
  • Roken: De nicotine die in tabaksrook zit zorgt voor een tijdelijke vernauwing van de kransslagader. Dit geeft een verhoogde hartslag en bloeddruk. Bij het inhaleren van de rook komen bovendien kleine tabaksdeeltjes vrij die het lichaam ingezogen worden. Deze zetten zich af tegen de vaatwanden.
  • Te hoog cholesterol: Een verhoogd cholesterol draagt bij aan slagaderverkalking. Doordat het zich ophoopt tegen de vaatwanden, wordt de doorgang steeds nauwer. De verdikking die ontstaat wordt een plaque genoemd. Naast het feit dat de doorgang vernauwt kan zo’n plaque ook losscheuren en het lichaam in schieten. Het risico hiervan is groot want als het stolsel ergens blijft steken, wordt de bloedtoevoer op die plek volledig afgesloten.
  • Diabetes (suikerziekte): Mensen met diabetes (met name type 2) hebben vaak overgewicht, een verstoorde vetstofwisseling en chronische ontstekingen. Allemaal processen die de slagaderwand kunnen beschadigen.

Diagnostiek hartinfarct

Om vast te stellen of er sprake is van een hartinfarct kunnen verschillende onderzoeken gedaan worden:

  • Bloedonderzoek: er wordt onderzocht of er afvalstoffen in het bloed aanwezig zijn die wijzen op een hartinfarct.
  • CT-scan: Met dit type scan kan een arts de afwijkingen gerichter in beeld te krijgen.
  • Echocardiogram: Een onderzoek van het hart met gebruik van ultra-geluidsgolven.
  • Inspanningstest: Hiermee wordt informatie verkregen over de werking van het hart.
  • Foto van hart en longen: Een röntgenfoto die we ook wel een thoraxfoto noemen om te zien of er beschadigingen of verkalkingen zijn.

Behandeling hartinfarct

Snelle behandeling van een hartinfarct is belangrijk, want alleen dan kan de schade beperkt worden. Cellen die geen zuurstof krijgen sterven af, dat is onomkeerbaar. Hoe eerder een afsluiting dus weer open is, hoe beperkter de schade.

Het eerste dat je krijgt toegediend (vaak in de ambulance) is een medicijn dat je kransslagaders verwijdt. Dit maakt dat je bloeddruk daalt en dat je hart minder zuurstof nodig heeft.

Eenmaal in het ziekenhuis kan het snel gaan. Doel is om de hartspier zo snel mogelijk weer van zuurstof te voorzien. Dit kan op verschillende manieren. Afhankelijk van de ernst van jouw situatie wordt de behandeling bepaald.

  • Dotteren /stent: Met deze behandeling herstelt de bloedtoevoer naar de hartspier zich het snelst. De specialist brengt een slangetje naar het afgesloten bloedvat met daarop een klein ballonnetje. Dat ballonnetje wordt opgeblazen en drukt de vernauwing aan de kant. Soms wordt er hierna nog een stent geplaatst om te voorkomen dat het vat opnieuw dichtslibt.
  • Bypass operatie (CABG): Wanneer de kransslagader erg vernauwd of volledig afgesloten is, dan kan het nodig zijn om één of meerdere omleidingen te maken. De snelweg wordt dan als het ware vervangen door een provinciaalweg waardoor het bloed toch op de plaats van bestemming (de hartspier) kan komen. Omleidingen worden aangelegd via een openhart operatie, het herstel duurt dus langer dan bij een dotterbehandeling.

Hoe je hartinfarct ook behandeld is, je krijgt na afloop altijd medicijnen. Deze moeten ervoor zorgen dat er geen nieuwe verstoppingen ontstaan en dat je hart in het juiste ritme blijft slaan. Welke middelen er nodig zijn, wordt per persoon bekeken. Vaak slik je ze levenslang. Er wordt een keuze gemaakt uit de volgende medicijngroepen:

  • Plaatjesremmers: Deze zorgen ervoor dat het bloed minder snel klontert.
  • Bloeddrukverlagers: Deze ontlasten het hart en verlagen de bloeddruk door vocht af te drijven, het hart minder te laten pompen of door de bloedvaten wijder open te zetten.
  • Bèta-blokkers: Hartslag en bloeddruk worden hiermee laag gehouden waardoor het risico op hartritmestoornissen en hartfalen beperkt wordt.
  • Cholesterolverlagers: Wanneer er minder cholesterol in het bloed zit, zal het zich ook minder snel afzetten.

Naast medicatie is een gezonde leefstijl belangrijk. Door het juiste te eten en voldoende te bewegen verklein je het risico op recidief aanzienlijk. Om je op weg te helpen met deze leefstijl, kan je een hartrevalidatieprogramma volgen. Dit is een programma dat meestal in een groep plaatsvindt en dat zes tot twaalf weken duurt. Je krijgt hier informatie over het maken van de juiste keuzes en je werkt onder begeleiding van een fysiotherapeut aan je conditie. Je leert je grenzen opnieuw kennen en werkt aan het hervinden van vertrouwen in je lichaam.

Wil je een afspraak inplannen?
Benieuwd naar onze tarieven?
Wie vergoedt wat?