Wat zijn de gevolgen van kanker?

Mentale functies: bestraling en chemotherapie kunnen de structuur en functie van het centraal zenuwstelsel veranderen. Moeite met concentreren en geheugenproblemen kunnen jaren na de behandeling optreden, waarschijnlijk ten gevolge van toxiciteit, verminderd zuurstoftransport, ontstekingen en beschadigde immuunprocessen. Emotionele veranderen kunnen belemmerend werken bij het deelnemen aan training. Sensorische functies en pijn: gehoor en vestibulaire functies (duizeligheid) kunnen door tumorgroei beïnvloed worden. Dit kan optreden bij gebruik van cisplatin (gebruikt bij longkanker, borstkanker en eierstokkanker). Met name duizeligheid en balans zijn van belang bij training. Behandeling gerelateerde aandoeningen van perifere zenuwen zijn vrij algemeen bij het gebruik van taxanen, platina derivaten, vinca alkaloiden, thalidomide en bortezomib. Dit uit zich in sensorische uitval, prikkelingen, tintelingen, verminderd gevoel, verminderede en bewegingsstoornissen van de extremiteiten op (klapvoet, verminderd heffen van de voet bij lopen). Ook na chirurgische ingrepen kunnen zenuwbeschadigingen voorkomen en in mindere mate na bestraling. Tumormassa kan op zenuwen drukken en ook door het inzakken van wervels kan druk op ruggenmerg en perifere zenuwen optreden met bijbehorende uitvalsverschijnselen. Pijn komt bij veel kankerpatiënten voor, vooral in verdere gevorderde stadie van de ziekte. Kanker gerelateerde pijn kan afkomstig zijn van de tumor zelf of een bijwerking zijn van de behandeling. Vooral bottumoren veroorzaken veel pijn. Plotseling optredende felle pijn kan wijzen op een uitzaaiing in de borstholte, op een botmetastase of een spontane fractuur.

Functies en structuren die met beweging te maken hebben: problemen zijn vermindering van ROM, Verminderede kracht, afwijkingen van het looppatroon en balansproblemen. Respectievelijk veroorzaakt worden door littekenvorming, aantasting van gewrichten of fibrose. Voorbeelden zijn radicale nekdissectie waarbij spieren en zenuwen worden verwijderd, stengvorming in de oksel na behandeling voor borstkanker en/of fibrosering van pectoralis minor en major na bestraling.

Spierkracht kan aangetast worden door stoffen die door de tumor worden uitgescheiden en die leiden tot verlies aan spiermassa. Bestraling en chemotherapie kunnen spiervezels beschadigen. Corticosteroïden beschadigen proximale spieren van de extremiteiten, waardoor problemen kunnen ontstaan bij transfers en reiken.

Pijn, angst en vermoeidheid geven aanleiding tot inactiviteit met verdere achteruitgang van spierkracht en conditie. Balansproblemen zijn meestal multifactorieel: problemen met sensorische input, spierkracht en bewegingsbeperkingen. Taxanen staan enorm bekend dat ze perifere neuropathie veroorzaken die vooral de posturale stabiliteit beïnvloedt.

Vermoeidheid is een systeemaandoening die uitgebreid onderzocht is bij veel verschillende soorten kanker en in het korte en lange termijntraject. Toch is de etiologie van vermoeidheid nog niet opgehelderd. Op zich is vermoeidheid een ‘’normaal’’ verschijnsel bij kanker en kankerbehandeligen. Plotseling optredende onverklaarbare vermoeidheid moet echt wel gezien worden als een rode vlag.

Lymfoedeem komt in eerste instantie niet vaak voor als een eerste symptoom van de aanwezigheid van een tumor. Meestal ten gevolge van chirurgische ingrepen waarbij lymfeknopen zijn verwijderd of ten gevolge van bestralingsfibrose. Oedeem dat het gevolg is van slechte vaattoestand is geen lymfoedeem, maar veneus oedeem. Toename van zwelling die in korte tijd optreedt en niet goed verklaarbaar is, kan wijzen op terugkeer van de tumor of een metastase.

Wat zijn de gevolgen van kanker?

Kanker geneest niet vanzelf!

Omdat kanker een ziekte is die in de regel niet spontaan geneest, is behandeling altijd noodzakelijk. Daarom is bij het vermoeden van kanker of lammerende symptomen overleg met de huisarts altijd zinvol. Hoe eerder kanker ontdekt wordt, hoe kleiner de kans op uitzaaiingen naar andere locaties in het lichaam, en hoe groter de kans op genezing. Het verschilt per patiënt of volledige genezing mogelijk is. Dit is afhankelijk van het soort kanker en of er uitzaaiingen zijn. Ook de algemene gezondheid en lichamelijke conditie speelt een grote rol. Hoe fitter de patiënt lichamelijk is, hoe betere het herstelvermogen! De afgelopen jaren is de kans op volledige genezing toegenomen. Dit is te danken aan vroegtijdige opsporing, betere onderzoekstechnieken, betere behandelmethoden en betere samenwerking tussen de verschillende behandelaars. Meer dan de helft van alle mensen met kanker is 5 jaar nadat de ziekte bij hen werd ontdekt, nog in leven.

Onderzoek is van groot belang

Wanneer een kwaadaardige tumor is ontdekt, is verder onderzoek van groot belang om te kunnen bepalen welke behandeling zinvol is. De specialist onderzoekt uit welke soort cellen de tumor is ontstaan, hoe kwaadaardig deze zijn en in welk stadium de ziekte zich bevindt.