blokkeren de bèta-adrenerge receptoren en daarmee de werking van hormonen die aangrijpen op de bèta receptoren, zoals adrenaline en noradrenaline. Deze bètareceptoren zitten voornamelijk op de cellen van het hart en in de bloedvaatjes in de spieren, longen en baarmoeder. Ook worden de pompkracht en de hoeveelheid bloed die het hart verpompt, verminderd. Bètablokkers worden daarnaast veel gebruikt na een hartinfarct, bij hartkramp (Angina Pectoris), bij hoge bloeddruk en bij sommige hartritmestoornissen.

Mogelijke bijwerkingen

In het begin van de behandeling komen voor: duizeligheid, lichte slaperigheid, koude handen en voeten, onrustige slaap, vermoeidheid en een afgenomen zin in seks. Deze bijwerkingen verdwijnen meestal als het lichaam gewend raakt aan het geneesmiddel.
Door een teveel aan bètablokkers kan de hartfrequentie te laag worden en kan er duizeligheid optreden. Het is dan noodzakelijk contact op te nemen met de huisarts.

Middelen

  • bisoprolol (Bisobloc /Emcor®)
  • metoprolol (Selokeen®)
  • atenolol (Tenormin®)
  • propranolol (Inderal®)
  • nebivolol (Nebilet®)
  • carvedilol (Eucardic®)
  • celiprolol (Dianorm®)
Beweegprogramma Coronaire Hartaandoeningen - Fysio Jansen