Hoe lopen met een krukken?

Om je goed op weg te helpen bij uw revalidatie is het belangrijk te weten hoe je goed gebruikmaakt van je krukken. Op deze pagina leggen wij je uit hoe je veilig gebruik kunt maken van je elleboogkrukken.

Kruklopen zonder steunname

Instructies:

  • Sta op je goede been met je elleboogkrukken naast je;
  • Buig je aangedane been naar achteren, waarbij je zorgt dat hier geen gewicht op komt;
  • Zet je krukken nu, één voor één, ongeveer een paslengte voor je neer;
  • Neem nu gewicht op de krukken en verplaats je ‘goede’ been naar voren, waarbij de hak tussen de krukken eindigt;
  • Ga in een vloeiende beweging door met deze stappen, waarbij je naar voren blijft kijken.

Kruklopen met steunname

Instructies:

  • Sta rechtop, met je krukken naast je;
  • Zet je krukken, één voor één, ongeveer een paslengte voor je neer;
  • Stap met je aangedane been naar voren, waarbij je hak landt tussen de twee krukken;
  • Stap met je andere been bij, waarbij de voeten naast elkaar eindigen;
  • Ga in een vloeiende beweging door met deze stappen, waarbij je naar voren blijft kijken.

Lopen met één kruk

Op een bepaald moment (na overleg met je fysiotherapeut) mag je met één kruk gaan lopen. Dit looppatroon is ongeveer hetzelfde als lopen met 2 krukken, maar er zijn wel een paar aandachtspunten:

  • Let op dat jij je kruk aan de niet-aangedane zijde houdt
  • Nu je met één kruk mag lopen, mag je gewicht zetten op je aangedane been. Let erop dat je het gewicht goed verspreid tussen je kruk en je aangedane been wanneer jij je been belast
  • Lopen met één kruk is ongeveer hetzelfde als lopen met een stok.

Lopen met een kruk (bijstappen)

Instructies:

  • Start door rechtop te staan met je kruk in één hand
  • Wanneer je een zwakker been heeft, houdt je de kruk in de andere hand (dus bij een zwak rechterbeen houdt je de kruk links)
  • Til de kruk op en zet deze ongeveer een paslengte voor je neer
  • Stap met je aangedane been naar voren, waarbij je hak in dezelfde lijn als de kruk eindigt
  • Zet gewicht op dit been, waarbij je zorg dat je knie stabiel staat en recht blijft en je heupen naar voren wijzen
  • Stap hierna met het andere been bij, zodat je voeten naast elkaar eindigen
  • Zorg ervoor dat je bij deze stappen je blik naar voren houdt en niet naar je voeten blijft kijken

Lopen met een kruk (doorstappen)

Instructies:

  • Start met een rechte houding en je kruk in één hand
  • Wanneer je een zwakker been heeft, houdt je de kruk in de andere hand (dus bij een zwak rechterbeen houdt je de kruk links)
  • Til de kruk op en zet deze ongeveer een paslengte voor je neer
  • Stap met uw aangedane been naar voren, waarbij je hak in dezelfde lijn als de kruk eindigt
  • Maak nu een grote pas met je andere been, zodat dit been voorbij je aangedane been en de kruk eindigt
  • Let op dat je paslengte aan beide zijden gelijk is
  • Zorg ervoor dat je bij deze stappen je blik naar voren houdt en niet naar je voeten blijft kijken

Traplopen met krukken

De trap op- en aflopen kan spannend zijn, maar met een paar tips en wat oefening, zul je zien dat dit prima te doen is. Hieronder vindt je een instructie om met een kruk of wandelstok de trap op- en af te gaan.

Wanneer u de trap op- en af gaat met 2 krukken, is het verstandig één kruk te vervangen door de trapleuning. De overgebleven kruk houdt u dan vast met de hand van de andere kruk.

 

Traplopen zonder belasting

Trap op:

Begin onderaan de trap. Houd je vast aan de reling en gebruik uw stok wanneer nodig. Wanneer je de trap oploopt houdt je deze volgorde aan:

  1. Zet je hand stevig op de trapleuning en houd je stok stevig vast
  2. Buig je aangedane been naar achteren
  3. Zet jezelf nu af met je handen op de reling en de kruk en maak een klein sprongetje omhoog
  4. Als laatste zet je de kruk op de volgende leuning om de stappen te herhalen

 

Trap af:

Sta op de rand van de bovenste trede. Houd je vast aan de reling en gebruik je stok wanneer nodig. Wanneer je de trap oploopt houdt je deze volgorde aan:

  1. Zet je hand stevig op de trapleuning en houd je stok stevig vast
  2. Buig je aangedane been naar voren, boven de volgende trede
  3. Neem nu gewicht op de kruk en de reling
  4. Als laatste maakt een kleine ‘hop’ met je goede been